Robert Rauschenberg
1925–2008
Robert Rauschenberg wordt gezien als een van de meest vernieuwende kunstenaars van de twintigste eeuw. Hij trok zich weinig aan van de traditionele regels van de schilderkunst en gebruikte vrijwel alles wat hij om zich heen vond in zijn kunst. Verf, foto's, kranten, kartonnen dozen, kleding en alledaagse voorwerpen kregen bij hem een plek op het doek. Daarmee vervaagde de grens tussen schilderkunst, beeldhouwkunst en het dagelijks leven.
Zijn werk vormde een belangrijke schakel tussen het abstract expressionisme van kunstenaars als Jackson Pollock en de popart van Andy Warhol en Roy Lichtenstein. Rauschenberg liet zien dat inspiratie overal te vinden is en dat kunst niet alleen hoeft te ontstaan in een atelier. Zijn vernieuwende ideeën hebben generaties kunstenaars beïnvloed en zijn werk is nog altijd te zien in de belangrijkste musea ter wereld.
Vroege leven en opleiding
Robert Rauschenberg werd op 22 oktober 1925 geboren in Port Arthur, een industriestad in de Amerikaanse staat Texas. Hij groeide op in een eenvoudig gezin en had als kind al belangstelling voor tekenen en techniek. Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende hij bij de Amerikaanse marine als medisch assistent. In die periode kwam hij in aanraking met verschillende culturen en begon hij steeds serieuzer over een kunstenaarsbestaan na te denken.
Na de oorlog volgde hij kunstopleidingen in Kansas City en Parijs. Uiteindelijk kwam hij terecht aan het experimentele Black Mountain College in North Carolina. Daar kreeg hij les van vernieuwende kunstenaars zoals Josef Albers. Hoewel Albers veel nadruk legde op discipline en nauwkeurigheid, ontwikkelde Rauschenberg juist een heel vrije manier van werken. Op Black Mountain ontmoette hij ook componist John Cage en choreograaf Merce Cunningham. Hun ideeën over toeval, experiment en samenwerking zouden een grote invloed hebben op zijn latere werk.
Ontwikkeling en carrière
In de jaren vijftig begon Robert Rauschenberg naam te maken met kunstwerken die sterk afweken van wat destijds gebruikelijk was. Terwijl veel kunstenaars zich volledig richtten op abstracte schilderkunst, combineerde hij schilderijen met alledaagse voorwerpen. Hij bevestigde bijvoorbeeld stukken hout, stof, spiegels, kranten en zelfs opgezette dieren aan zijn doeken. Deze werken noemde hij Combines, omdat ze schilderkunst en beeldhouwkunst met elkaar combineerden.
Zijn vernieuwende aanpak zorgde aanvankelijk voor veel discussie. Sommige mensen vonden zijn werk revolutionair, terwijl anderen zich afvroegen of het eigenlijk wel kunst was. Toch groeide zijn reputatie snel. In de jaren zestig kreeg hij internationale bekendheid en in 1964 won hij als eerste Amerikaanse kunstenaar de hoofdprijs op de Biënnale van Venetië. Daarmee brak hij definitief door bij het grote publiek.
Gedurende zijn lange carrière bleef Rauschenberg experimenteren. Hij werkte met zeefdrukken, fotografie, installaties en nieuwe materialen. Ook reisde hij de wereld over en werkte hij samen met kunstenaars, dansers, muzikanten en wetenschappers. Zijn nieuwsgierigheid bleef altijd de drijvende kracht achter zijn werk.
Alles kan kunst worden
Robert Rauschenberg geloofde dat kunst niet losstaat van het dagelijks leven. Volgens hem kon alles een onderdeel van een kunstwerk worden, zolang het een verhaal vertelde of een nieuwe manier van kijken opriep. Daarom gebruikte hij niet alleen verf en penselen, maar ook oude meubels, kartonnen dozen, verkeersborden, kleding, foto's en andere gevonden voorwerpen.
Hij vond inspiratie op straat, in kranten en zelfs tussen het afval. Voor Rauschenberg hoefde een kunstenaar de werkelijkheid niet na te bootsen; de werkelijkheid zelf kon onderdeel worden van het kunstwerk.
Met deze manier van werken veranderde hij de kunstwereld voorgoed. Hij liet zien dat creativiteit niet wordt bepaald door de materialen die je gebruikt, maar door de ideeën die je ermee uitdrukt. Veel hedendaagse kunstenaars werken nog altijd volgens datzelfde uitgangspunt.
Stijl en Techniek
Het werk van Robert Rauschenberg is moeilijk onder één kunststroming te plaatsen. Hij begon in de tijd van het abstract expressionisme, maar sloeg al snel een heel andere richting in. Zijn kunst vormt een brug tussen het abstract expressionisme, de neo-dada¹ en de latere popart.
Zijn bekendste werken bestaan uit een combinatie van schilderkunst, fotografie en gevonden voorwerpen. Hij werkte met olieverf, acrylverf, zeefdrukken, stof, hout, metaal en papier. Vaak gebruikte hij foto's uit kranten en tijdschriften, waardoor actuele gebeurtenissen onderdeel werden van zijn kunst.
Kenmerkend voor Rauschenberg is dat zijn werken vaak druk en chaotisch lijken. Toch zit achter iedere compositie een zorgvuldig evenwicht tussen kleur, vorm en materiaal. Hij wilde dat de kijker telkens nieuwe details ontdekte en zelf verbanden ging leggen.
Privéleven
Robert Rauschenberg stond bekend als een nieuwsgierige en sociale persoonlijkheid. Hij werkte graag samen met mensen uit andere disciplines, zoals muzikanten, choreografen en schrijvers. Vooral zijn langdurige samenwerking met choreograaf Merce Cunningham leidde tot vernieuwende voorstellingen waarin beeldende kunst en dans samenkwamen.
In de jaren vijftig had Rauschenberg een relatie met kunstenaar Jasper Johns. Beiden stonden toen nog aan het begin van hun carrière en beïnvloedden elkaars werk op belangrijke manieren. Hoewel hun relatie uiteindelijk eindigde, bleven ze ieder een grote invloed uitoefenen op de ontwikkeling van de moderne kunst.
Later richtte Rauschenberg zich steeds meer op internationale kunstprojecten. Hij geloofde dat kunst mensen uit verschillende culturen met elkaar kon verbinden en zette zich actief in voor culturele uitwisseling.
Laatste jaren en dood
In de laatste decennia van zijn leven bleef Robert Rauschenberg actief als kunstenaar. Hij werkte vanuit Captiva Island in Florida, waar hij een groot atelier had ingericht. Ondanks gezondheidsproblemen bleef hij nieuwe technieken uitproberen en bleef hij exposeren over de hele wereld.
In 2002 kreeg hij een beroerte, waardoor hij moeite kreeg met spreken en bewegen. Toch bleef hij kunst maken, waarbij hij zijn werkwijze aanpaste aan zijn lichamelijke beperkingen. Zijn doorzettingsvermogen maakte veel indruk op collega's en kunstliefhebbers.
Robert Rauschenberg overleed op 12 mei 2008 op 82-jarige leeftijd. Hij liet een indrukwekkend en veelzijdig oeuvre na dat nog altijd wordt beschouwd als een van de belangrijkste bijdragen aan de moderne kunst van de twintigste eeuw.
Belangrijkste werken
Gedurende zijn carrière maakte Robert Rauschenberg honderden schilderijen, collages, zeefdrukken en installaties. Deze werken behoren tot zijn bekendste creaties:
- White Painting (1951)
- Erased de Kooning Drawing (1953)
- Bed (1955)
- Monogram (1955–1959)
- Canyon (1959)
- Retroactive I (1964)
- Sky Garden (1969)
¹ Neo-Dada was een kunststroming uit de jaren vijftig waarin kunstenaars alledaagse voorwerpen en beelden uit het dagelijks leven gebruikten. Ze lieten zien dat kunst niet alleen uit verf op een doek hoeft te bestaan, maar ook kan ontstaan uit gewone objecten, toeval en verrassende combinaties. De stroming vormde een belangrijke brug tussen het abstract expressionisme en de popart.
Interessante feitjes
Robert was niet zijn echte voornaam
Bij zijn geboorte kreeg hij de naam Milton Ernest Rauschenberg. Pas tijdens zijn kunstopleiding in Kansas City veranderde hij zijn voornaam in Bob, waarna hij al snel de naam Robert ging gebruiken. Onder die naam zou hij uitgroeien tot een van de invloedrijkste kunstenaars van de twintigste eeuw.
Hij gumde een tekening van een beroemde kunstenaar uit
In 1953 vroeg Rauschenberg aan Willem de Kooning of hij een tekening van hem mocht uitgummen. De Kooning stemde toe. Het lege vel werd vervolgens een kunstwerk op zich: Erased de Kooning Drawing.
Een opgezette geit werd wereldberoemd
Voor Monogram gebruikte hij een opgezette geit met een autoband om zijn middel. Het groeide uit tot een van de beroemdste kunstwerken van de twintigste eeuw.
Hij gebruikte zijn eigen bed als schilderij
Voor het kunstwerk Bed hing hij zijn eigen dekbed, kussen en laken rechtop aan de muur en beschilderde die met verf.
Hij koos voor een medische functie
Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende Rauschenberg bij de Amerikaanse marine. Hij werkte als neuropsychiatrisch technicus in een militair ziekenhuis, omdat hij geen mensen wilde doden. In plaats daarvan hielp hij gewonde en getraumatiseerde militairen.
Hij won als eerste Amerikaan de Gouden Leeuw
In 1964 kreeg hij de hoofdprijs op de Biënnale van Venetië. Dat was een belangrijk moment voor de internationale erkenning van de Amerikaanse moderne kunst.
Hij geloofde dat kunst overal om je heen is
Een bekende uitspraak van Rauschenberg is dat hij wilde werken "in de ruimte tussen kunst en het leven". Daarmee bedoelde hij dat kunst niet losstaat van het dagelijks bestaan.
Hij reisde de wereld rond met kunst
In de jaren tachtig richtte hij het Rauschenberg Overseas Culture Interchange (ROCI) op. Hij bezocht onder meer China, Cuba, Chili en de Sovjet-Unie om samen met lokale kunstenaars projecten op te zetten. Daarmee wilde hij via kunst bruggen slaan tussen verschillende culturen.
Hij hield van rommelmarkten
Veel materialen voor zijn kunst vond hij gewoon op straat of op rommelmarkten. Volgens hem kon elk voorwerp een nieuw leven krijgen.
Hij werkte samen met dansers
Jarenlang ontwierp hij decors, kostuums en belichting voor de dansvoorstellingen van Merce Cunningham.