Giorgio de Chirico
Giorgio de Chirico
1888 – 1978
Giorgio de Chirico was een Italiaanse schilder die bekend werd door zijn mysterieuze, bijna droomachtige schilderijen. Verlaten pleinen, lange schaduwen, klassieke beelden en vreemde voorwerpen vormen samen een wereld waarin iets niet lijkt te kloppen.
Hij was de grondlegger van de metafysische schilderkunst, een stijl waarin de zichtbare werkelijkheid een verborgen betekenis lijkt te hebben. Zijn werk had grote invloed op het surrealisme en inspireerde kunstenaars als Salvador Dalí en René Magritte.
Hoewel De Chirico vooral beroemd werd door zijn vroege schilderijen, bleef hij zijn hele leven experimenteren. Zijn terugkeer naar de klassieke schilderkunst leidde later tot felle discussies met kunstenaars die hem eerder bewonderden.
Vroege leven en kennismaking met kunst
Giorgio de Chirico werd op 10 juli 1888 geboren in Volos, Griekenland, als zoon van Italiaanse ouders. Zijn vader Evaristo was ingenieur en werkte aan de aanleg van spoorwegen. Zijn moeder Gemma kwam uit een familie met Italiaanse wortels.
Giorgio groeide samen met zijn jongere broer Andrea op in Griekenland. De klassieke tempels, mythologische verhalen en oude beelden maakten grote indruk op hem en zouden later regelmatig in zijn schilderijen terugkeren.
Zijn vader stimuleerde zijn belangstelling voor kunst en zorgde ervoor dat hij tekenlessen kreeg. In 1900 begon Giorgio aan een kunstopleiding in Athene.
Toen zijn vader in 1905 overleed, veranderde het gezinsleven ingrijpend. Zijn moeder vertrok met haar zonen naar Europa. Uiteindelijk vestigden ze zich in München, waar Giorgio vanaf 1906 aan de kunstacademie studeerde.
München en de invloed van filosofie
In München ontdekte De Chirico het werk van de symbolistische schilders Arnold Böcklin en Max Klinger. Hun geheimzinnige voorstellingen, waarin werkelijkheid en fantasie samenkomen, spraken hem sterk aan.
Ook verdiepte hij zich in de filosofie van Friedrich Nietzsche en Arthur Schopenhauer. Vooral Nietzsche maakte diepe indruk op hem. De Chirico raakte gefascineerd door het idee dat achter de gewone werkelijkheid een andere, verborgen wereld schuilgaat. In zijn schilderijen probeerde hij dat gevoel zichtbaar te maken. Een verlaten plein of een eenvoudig gebouw kon daardoor iets geheimzinnigs en onverklaarbaars krijgen.
In 1909 verhuisde hij naar Milaan en een jaar later naar Florence. Daar begon hij schilderijen te maken waarin verlaten pleinen, klassieke gebouwen en lange schaduwen een raadselachtige sfeer oproepen.
Volgens zijn eigen herinneringen kreeg hij tijdens een verblijf op het Piazza Santa Croce in Florence plotseling een andere kijk op de omgeving. Alles leek vertrouwd, maar tegelijkertijd vreemd en onwerkelijk.
Deze ervaring inspireerde hem tot Het raadsel van een herfstmiddag, een van zijn eerste metafysische schilderijen.
Parijs en zijn artistieke doorbraak
In 1911 verhuisde De Chirico naar Parijs, waar zijn broer Andrea inmiddels woonde. Andrea was componist, schrijver en kunstenaar en zou later bekend worden onder de naam Alberto Savinio.
De broers hadden een hechte band en deelden hun belangstelling voor kunst, literatuur en filosofie. In Parijs kwamen ze in contact met kunstenaars en schrijvers uit de avant-garde.
De dichter Guillaume Apollinaire raakte bijzonder enthousiast over Giorgio's werk en hielp hem bekendheid te krijgen.
In deze periode ontstonden zijn beroemdste schilderijen. Hij schilderde lege Italiaanse pleinen met hoge torens, zuilengalerijen en standbeelden. Soms verscheen ergens in de verte een kleine menselijke figuur of een trein die voorbijreed.
Juist doordat de voorstellingen zo stil en verlaten waren, ontstond een gevoel van spanning. Het leek alsof er ieder moment iets kon gebeuren, zonder dat duidelijk werd wat.
De metafysische schilderkunst
Toen in 1915 de Eerste Wereldoorlog Italië bereikte, keerden Giorgio en zijn broer terug om zich bij het leger te melden. Giorgio werd in Ferrara gestationeerd, waar hij vanwege gezondheidsproblemen vooral ondersteunende werkzaamheden verrichtte.
In 1917 verbleef hij enige tijd in een militair ziekenhuis. Daar ontmoette hij de schilder Carlo Carrà, met wie hij ideeën uitwisselde over een nieuwe vorm van schilderkunst.
Samen droegen ze bij aan de ontwikkeling van de pittura metafisica, de metafysische schilderkunst. Het woord metafysisch verwijst naar wat verder gaat dan de gewone, zichtbare werkelijkheid.
De Chirico schilderde nu ook merkwaardige interieurs met paspoppen, meetinstrumenten, schilderijlijsten en andere voorwerpen. Die objecten lijken willekeurig bij elkaar geplaatst, maar roepen juist daardoor vragen op.
Zijn schilderijen uit deze periode, waaronder De verontrustende muzen, behoren tot zijn bekendste werken.
Liefde en relaties
In 1924 ontmoette De Chirico de Russische balletdanseres Raissa Gurevich, met wie hij een jaar later trouwde. Ze deelde zijn belangstelling voor kunst en speelde ook een rol in zijn werk.
Het huwelijk hield echter geen stand. Rond 1930 begon hij een relatie met Isabella Pakszwer, eveneens afkomstig uit Rusland. Zij werd zijn levenspartner en later zijn tweede echtgenote.
Isabella was nauw betrokken bij zijn carrière. Ze ondersteunde hem bij tentoonstellingen, zakelijke contacten en het beheer van zijn werk.
Het echtpaar vestigde zich uiteindelijk in Rome, waar ze jarenlang woonden in een appartement aan het Piazza di Spagna. Isabella bleef ook na zijn overlijden betrokken bij het behoud van zijn artistieke nalatenschap.
Een opvallende verandering van stijl
Vanaf ongeveer 1919 begon De Chirico zich steeds meer te interesseren voor de schildertechnieken van oude meesters, onder wie Rafaël, Titiaan en Rubens.
Hij vond dat veel moderne kunstenaars de traditionele schilderkunst uit het oog verloren. Daarom begon hij opnieuw klassieke onderwerpen te schilderen, zoals mythologische figuren, paarden, gladiatoren en portretten.
Deze verandering leidde tot conflicten met de surrealisten, die juist zijn vroege, raadselachtige schilderijen bewonderden. Vooral André Breton, een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het surrealisme, bekritiseerde zijn nieuwe werk.
De Chirico liet zich hierdoor niet tegenhouden. Hij bleef klassieke schildertechnieken bestuderen en schilderde daarnaast nieuwe versies van zijn vroegere metafysische voorstellingen.
Zijn laatste jaren
Vanaf 1944 woonde De Chirico met Isabella in Rome. Hij bleef schilderen, schrijven en tentoonstellen en ontwikkelde in zijn latere jaren opnieuw belangstelling voor de raadselachtige voorstellingen waarmee hij beroemd was geworden.
In zijn zogenoemde neometafysische periode keerde hij terug naar bekende onderwerpen, zoals lege pleinen, paspoppen en mythologische figuren. De kleuren werden vaak helderder en de sfeer minder somber dan in zijn vroege werk.
Ook maakte hij beeldhouwwerken en ontwierp hij decors voor theaterproducties.
Giorgio de Chirico overleed op 20 november 1978 in Rome, 90 jaar oud. Hij liet een omvangrijk oeuvre achter dat verschillende periodes en schilderstijlen omvat.
Stijl en techniek
De Chirico begon onder invloed van het symbolisme, maar ontwikkelde vanaf 1910 zijn eigen metafysische schilderstijl.
Kenmerkend zijn verlaten stadspleinen, klassieke gebouwen, lange schaduwen en voorwerpen die op onverwachte plaatsen verschijnen. Door vreemde perspectieven en ongewone combinaties ontstaat een sfeer waarin de werkelijkheid tegelijk herkenbaar en raadselachtig lijkt.
Zijn schilderijen zijn vaak zorgvuldig opgebouwd. De gebouwen hebben strakke lijnen en duidelijke vormen, terwijl de schaduwen een gevoel van dreiging of eenzaamheid oproepen.
Opvallend zijn de gezichtsloze paspoppen die regelmatig in zijn metafysische schilderijen verschijnen. Ze hebben menselijke vormen, maar missen iedere persoonlijke uitdrukking. Daardoor lijken ze zowel menselijk als levenloos. Ze versterken het gevoel van vervreemding en roepen vragen op over de menselijke identiteit en de grens tussen mens en voorwerp.
Later keerde De Chirico terug naar klassieke schildertechnieken, met meer aandacht voor anatomie, licht en de werkwijze van oude meesters. In zijn laatste jaren combineerde hij opnieuw elementen uit verschillende periodes van zijn kunstenaarschap.
Betekenis voor de kunst
Giorgio de Chirico was een belangrijke vernieuwer van de twintigste-eeuwse schilderkunst. Met zijn metafysische voorstellingen liet hij zien dat een schilderij niet alleen de zichtbare werkelijkheid hoeft weer te geven, maar ook gevoelens van onzekerheid, herinnering en mysterie kan oproepen.
Zijn werk had grote invloed op de surrealisten. Kunstenaars als René Magritte, Salvador Dalí en Max Ernst herkenden in zijn raadselachtige schilderijen een nieuwe manier om dromen en het onderbewuste te verbeelden.
Ook buiten het surrealisme bleef zijn invloed zichtbaar, onder andere in de moderne schilderkunst, fotografie en film.
Belangrijke werken
-
Het raadsel van een herfstmiddag (L'énigme d'un après-midi d'automne) — 1910 — Een van zijn eerste metafysische schilderijen, geïnspireerd op een bijzondere ervaring in Florence.
-
De nostalgie van het oneindige (La Nostalgie de l'infini) — ca. 1912–1913 — Een verlaten plein met een hoge toren en lange schaduwen, waarin een mysterieuze sfeer ontstaat.
-
De rode toren (La Tour rouge) — 1913 — Een stadsgezicht waarin klassieke architectuur en een dreigende leegte samenkomen.
-
Het liefdeslied (Le Chant d'amour) — 1914 — Een onverwachte combinatie van een klassiek beeldhouwwerk, een rubberen handschoen en een groene bal. Dit werk inspireerde onder anderen René Magritte.
-
Mysterie en melancholie van een straat (Mystère et mélancolie d'une rue) — 1914 — Een verlaten straat met een spelend meisje, lange schaduwen en een onheilspellende sfeer.
-
Het raadsel van een dag (L'Énigme d'une journée) — 1914 — Een raadselachtig plein met een standbeeld en vreemde perspectieven.
-
De verontrustende muzen (Le Muse inquietanti) — 1918 — Een van zijn bekendste schilderijen, met gezichtloze figuren in een verlaten omgeving.
-
De verloren zoon (Il figliol prodigo) — 1926 — Een voorstelling waarin klassieke en moderne elementen samenkomen, kenmerkend voor zijn veranderende schilderstijl.
Interessante feitjes
Een schilderij na een vreemde ervaring
De Chirico vertelde dat hij op een dag op het Piazza Santa Croce in Florence een bijzondere ervaring had. Het plein leek plotseling vreemd en geheimzinnig, alsof hij het voor het eerst zag. Die ervaring inspireerde hem tot een van zijn eerste metafysische schilderijen.
Zijn broer was ook kunstenaar
Zijn jongere broer Andrea werd bekend onder de naam Alberto Savinio. Hij was niet alleen schilder, maar ook schrijver en componist. De broers beïnvloedden elkaar en deelden hun belangstelling voor mythologie, filosofie en geheimzinnige voorstellingen.
Een schilderij als inspiratie voor een videogame
De invloed van De Chirico reikte zelfs tot de wereld van videogames. De Japanse ontwerper Fumito Ueda liet zich voor de hoes van het PlayStation-spel ICO uit 2001 inspireren door De Chirico's schilderij De nostalgie van het oneindige. De enorme gebouwen, kleine menselijke figuren en lange schaduwen passen bij de mysterieuze sfeer van het spel. Zo kreeg De Chirico's kunst bijna negentig jaar later een verrassend nieuw leven.
Hij schilderde zijn eigen werk opnieuw
De Chirico maakte later regelmatig nieuwe versies van zijn vroegere schilderijen. Soms voorzag hij die van een jaartal dat verwees naar het oorspronkelijke ontwerp. Hierdoor ontstond verwarring over de ouderdom en echtheid van bepaalde werken.
Zijn schilderijen inspireerden René Magritte
Toen René Magritte een afbeelding van De Chirico's Het liefdeslied zag, maakte dat diepe indruk op hem. De onverwachte combinatie van alledaagse voorwerpen liet hem zien hoe een schilderij een mysterieuze wereld kon oproepen. Deze ontdekking speelde een belangrijke rol in zijn ontwikkeling als surrealistisch kunstenaar.
Een schilder die de surrealisten boos maakte
De surrealisten bewonderden De Chirico's vroege werk, maar waren teleurgesteld toen hij later terugkeerde naar de klassieke schilderkunst. Vooral André Breton uitte scherpe kritiek. De Chirico trok zich daar weinig van aan en bleef zijn eigen artistieke keuzes maken.