Artist's impression van de kunstroof in het Oratorio di San Lorenzo (1969) – gegenereerd met AI.
Oratorio di San Lorenzo
Via Immacolatella 5,
90133 Palermo PA, Italië
In oktober 1969 verdween een van de belangrijkste schilderijen van Caravaggio uit een kleine kapel in Palermo, op het Italiaanse eiland Sicilië. Het monumentale werk, dat de geboorte van Christus voorstelde, werd uit zijn lijst gesneden en meegenomen. Sindsdien ontbreekt ieder spoor.
De diefstal groeide uit tot een van de bekendste onopgeloste kunstroven ter wereld. Al snel ontstonden vermoedens dat de Siciliaanse maffia bij de verdwijning betrokken was. Verschillende getuigen beweerden later te weten wat er met het schilderij was gebeurd, maar hun verklaringen spraken elkaar tegen.
Oratorio di San Lorenzo
Het Oratorio di San Lorenzo ligt in het historische centrum van Palermo. Het is een relatief kleine gebedsruimte, maar het interieur behoort tot de bijzondere voorbeelden van Siciliaanse barokkunst. De muren zijn versierd met rijk stucwerk, engelenfiguren en decoratieve reliëfs van de beeldhouwer Giacomo Serpotta.
Boven het hoofdaltaar hing eeuwenlang een groot schilderij van Caravaggio. Het donkere, ingetogen tafereel vormde een opvallend contrast met de lichte, uitbundige versieringen van de kapel.
Caravaggio was beroemd om zijn dramatische gebruik van licht en schaduw. Hij schilderde religieuze gebeurtenissen niet als verheven, onbereikbare taferelen, maar als scènes waarin gewone mensen een hoofdrol speelden. Juist daardoor maakten zijn schilderijen vaak een diepe indruk.
Het werk in Palermo was ongeveer 2,7 meter hoog en 2 meter breed. Door zijn formaat en plaats boven het altaar was het een van de belangrijkste onderdelen van het interieur.
Toch beschikte de kapel in 1969 nauwelijks over de beveiliging die tegenwoordig gebruikelijk is voor zulke kostbare kunstwerken. Het schilderij hing op een plaats waar het al eeuwenlang thuishoorde, maar waar het ook kwetsbaar was voor diefstal.
Het schilderij
Het verdwenen schilderij draagt de titel De geboorte van Christus met de heiligen Franciscus en Laurentius. Het wordt traditioneel gedateerd rond 1609, hoewel kunsthistorici ook een eerdere ontstaansdatum rond 1600 hebben voorgesteld.
Op het schilderij ligt het pasgeboren kind Jezus op een eenvoudige ondergrond van stro en doeken. Maria zit naast hem, vermoeid en in gedachten verzonken. Rondom hen bevinden zich enkele figuren, waaronder de heiligen Franciscus en Laurentius. Boven de groep zweeft een engel.
Caravaggio koos niet voor een feestelijke voorstelling vol pracht en praal. De omgeving is sober en donker. Het licht valt op de gezichten, de handen en het lichaam van het kind, terwijl grote delen van de voorstelling in de schaduw verdwijnen.
Dat sterke contrast tussen licht en donker is kenmerkend voor zijn schilderstijl. De figuren lijken echte mensen, met natuurlijke houdingen en herkenbare emoties.
Het schilderij was niet alleen belangrijk vanwege zijn artistieke kwaliteit. Het vormde ook een wezenlijk onderdeel van de geschiedenis van het oratorium. De voorstelling was nauw verbonden met de religieuze betekenis van de ruimte en de plaatselijke gemeenschap.
Met de diefstal verdween dus niet alleen een kostbaar kunstwerk, maar ook een belangrijk onderdeel van het culturele erfgoed van Palermo.
De kunstroof
In de nacht van 17 op 18 oktober 1969 drongen dieven het Oratorio di San Lorenzo binnen. Hun doelwit was het grote schilderij van Caravaggio dat boven het altaar hing.
Om het werk mee te kunnen nemen, sneden zij het doek los uit zijn lijst. Dat was een ingrijpende handeling, waarbij het schilderij gemakkelijk beschadigd kon raken. De oorspronkelijke lijst bleef achter, maar het doek zelf verdween.
Volgens de beschrijving van de Amerikaanse FBI waren twee dieven bij de roof betrokken. Hoe zij precies binnenkwamen en hoe zij het grote doek vervolgens vervoerden, is niet volledig opgehelderd.
De volgende ochtend werd de verdwijning ontdekt. Waar het schilderij eeuwenlang boven het altaar had gehangen, bleef een lege ruimte achter.
De roof veroorzaakte grote opschudding. Een schilderij van een van de beroemdste Italiaanse kunstenaars was uit een historische kapel verdwenen, zonder dat iemand de dieven had kunnen tegenhouden.
Voor de politie begon een ingewikkeld onderzoek. Het schilderij was groot, kostbaar en internationaal bekend. Daardoor zou het moeilijk zijn om het openlijk te verkopen. Toch bleek het vrijwel onmogelijk om te achterhalen waar de dieven het naartoe hadden gebracht.
Het politieonderzoek
Al kort na de diefstal ontstonden vermoedens dat de Siciliaanse maffia bij de verdwijning betrokken was.
Palermo was in die periode een belangrijk machtscentrum van Cosa Nostra, de Siciliaanse maffiaorganisatie. Verschillende criminele families beheersten delen van de stad en hielden zich bezig met afpersing, smokkel en andere illegale activiteiten.
Het lag daarom voor de hand dat onderzoekers ook naar mogelijke betrokkenheid van deze organisaties keken.
Aanvankelijk leverde het onderzoek weinig concrete resultaten op. Er waren geen betrouwbare aanwijzingen die rechtstreeks naar het schilderij leidden. Ook werd niet duidelijk of de daders het werk op eigen initiatief hadden gestolen of in opdracht van anderen hadden gehandeld.
In de jaren daarna verschenen steeds meer verhalen over de verdwenen Caravaggio. Sommige verklaringen kwamen van voormalige maffialeden die bereid waren met justitie samen te werken.
Deze zogenoemde pentiti, of spijtoptanten, vertelden soms zeer gedetailleerd over de mogelijke lotgevallen van het schilderij. Hun verhalen waren echter niet altijd met elkaar te verenigen.
Daardoor werd de verdwijning steeds raadselachtiger.
De maffiaverhalen
Een van de bekendste verklaringen kwam van Francesco Marino Mannoia, een voormalig maffialid dat met de Italiaanse justitie samenwerkte.
Hij beweerde betrokken te zijn geweest bij de diefstal en vertelde dat het schilderij tijdens het verwijderen ernstig beschadigd was geraakt. Volgens zijn oorspronkelijke verklaring zou het werk uiteindelijk zijn vernietigd.
Jaren later trok Mannoia die verklaring echter in. Hij gaf toe dat zijn eerdere verhaal over de vernietiging niet waar was.
Een andere opvallende verklaring kwam in 2009 van Gaspare Spatuzza, eveneens een voormalige maffioso.
Volgens Spatuzza had hij van een ander maffialid gehoord dat het schilderij jarenlang verborgen was gehouden in een schuur. Daar zou het door ratten en varkens zijn beschadigd, waarna de resten werden verbrand.
Het verhaal kreeg veel aandacht in de internationale media, maar overtuigend bewijs ontbrak. Bovendien was Spatuzza geen rechtstreekse getuige van de gebeurtenissen.
Er gingen ook verhalen rond dat het schilderij jarenlang in het bezit was van een machtige maffiabaas en tijdens bijeenkomsten werd getoond. Geen van de verklaringen kon echter worden bevestigd. Of het werk werd vernietigd of nog ergens verborgen ligt, blijft onbekend.
Het Zwitserse spoor
In 2018 kreeg het onderzoek een nieuwe impuls door de bevindingen van een Italiaanse parlementaire commissie die onderzoek deed naar de georganiseerde misdaad.
De commissie had onder meer gesproken met Gaetano Grado, een voormalig maffialid dat nieuwe informatie gaf over de gebeurtenissen na de diefstal.
Volgens zijn verklaring was het schilderij oorspronkelijk niet door de maffia zelf gestolen, maar door gewone criminelen. Toen duidelijk werd hoe waardevol het werk was, zou Cosa Nostra zich ermee hebben bemoeid.
Het schilderij zou uiteindelijk terecht zijn gekomen bij Gaetano Badalamenti, een van de machtigste maffiabazen van Sicilië.
Badalamenti zou vervolgens contact hebben gelegd met een kunsthandelaar uit Zwitserland. Volgens Grado werd het schilderij naar het buitenland gebracht en mogelijk in verschillende stukken gesneden om het gemakkelijker te kunnen verkopen.
De commissie nam de verklaringen serieus en vond dat het Zwitserse spoor verder onderzocht moest worden. Of het schilderij daadwerkelijk in stukken werd verdeeld, bleef onzeker. Toch gaf de mogelijkheid dat delen van het doek nog bestaan onderzoekers nieuwe hoop.
Een gezocht meesterwerk
De verdwijning van Caravaggio's schilderij kreeg internationale bekendheid. Het werk werd opgenomen in de lijst van tien belangrijke kunstmisdrijven die door de Amerikaanse FBI onder de aandacht worden gebracht.
De financiële waarde van het schilderij wordt op tientallen miljoenen dollars geschat. Maar de werkelijke betekenis ervan is nauwelijks in geld uit te drukken.
Het gaat om een uniek kunstwerk van een schilder die een enorme invloed heeft gehad op de Europese schilderkunst. Caravaggio's vernieuwende gebruik van licht, zijn realistische figuren en zijn dramatische composities inspireerden generaties kunstenaars.
Een gestolen schilderij van deze bekendheid is bovendien bijzonder moeilijk te verkopen. Het kan niet zomaar op een veiling verschijnen of aan een museum worden aangeboden zonder onmiddellijk vragen op te roepen.
Dat maakt de verdwijning extra ingewikkeld. Zelfs wanneer het schilderij nog bestaat, kan het jarenlang verborgen blijven in een particuliere verzameling of op een onbekende opslagplaats.
De reconstructie
Hoewel het originele schilderij nooit werd teruggevonden, kreeg het Oratorio di San Lorenzo in 2015 een bijzondere vervanging.
De organisatie Factum Arte maakte een reconstructie van het verdwenen meesterwerk. Daarvoor werd gebruikgemaakt van een kleurenfoto die fotograaf Enzo Brai in 1968 had gemaakt, slechts een jaar voordat het schilderij werd gestolen.
Met digitale beeldbewerking, specialistische schildertechnieken en moderne reproductiemethoden probeerden de makers de oorspronkelijke uitstraling zo zorgvuldig mogelijk te benaderen.
Dat was geen eenvoudige opdracht. De beschikbare foto bevatte veel minder details dan nodig waren om een schilderij van bijna drie meter hoog nauwkeurig te reconstrueren. Bovendien waren de oorspronkelijke kleuren en de structuur van het verfoppervlak niet volledig bekend.
De reconstructie was daarom geen exacte kopie, maar een zorgvuldige poging om het verdwenen schilderij opnieuw zichtbaar te maken.
Op 12 december 2015 werd het werk officieel onthuld in aanwezigheid van de Italiaanse president Sergio Mattarella.
Voor het eerst in tientallen jaren was boven het altaar opnieuw een volledige voorstelling van Caravaggio's Geboorte van Christus te zien.
De reconstructie bracht het oorspronkelijke schilderij niet terug, maar gaf de kapel wel een belangrijk deel van haar historische uitstraling terug.
Het verdwenen schilderij van Caravaggio.
Nog altijd vermist
De diefstal uit het Oratorio di San Lorenzo behoort tot de bekendste onopgeloste kunstroven van de twintigste eeuw.
Meer dan een halve eeuw na de verdwijning is nog altijd niet duidelijk waar het schilderij zich bevindt. Mogelijk werd het kort na de roof beschadigd of vernietigd. Maar het is ook denkbaar dat het via de maffia en de internationale kunsthandel in handen van een onbekende verzamelaar terechtkwam.
De verklaringen van voormalige maffialeden hebben het onderzoek verschillende keren een nieuwe richting gegeven, maar geen van deze sporen heeft tot de terugkeer van het werk geleid.
In Palermo hangt inmiddels een reconstructie op de oorspronkelijke plaats. Die herinnert bezoekers niet alleen aan Caravaggio's meesterwerk, maar ook aan het verlies van een onvervangbaar onderdeel van de kunstgeschiedenis.
Zolang het originele schilderij niet wordt teruggevonden, blijft de roof uit 1969 een van de grootste mysteries rond een verdwenen meesterwerk.